Commissie de Winter

Onder voorzitterschap van professor Micha de Winter voerde een samengestelde wetenschappelijke commissie het onderzoek uit naar geweld in de jeugdzorg in de periode 1945 tot heden.

Vooronderzoek

Op 13 juli 2015 werd het vooronderzoek geweld in de jeugdzorg gestart in opdracht van het kabinet. De groep waar onderzoek naar gedaan werd zijn uit-huis-geplaatste kinderen in de jeugdzorg, de pleegzorg, de jeugdinrichtingen en de instellingen voor kinderen met een licht verstandelijke beperking (LVB vanaf 1945 tot heden). In mei 2016 werd het vooronderzoek afgerond en aangeboden aan het kabinet waarop het kabinet in november 2016 de commissie opdracht gaf om onderzoek te doen naar:

Alle soorten geweld dat zich tussen 5 mei 1945 en nu heeft plaatsgevonden bij:

  • kinderen die onder voogdij van de overheid zijn geplaatst in instellingen of in pleeggezinnen
  • kinderen die via een rechter zijn geplaatst in een ggz-instelling
  • vreemdelingen-kinderen die onder voogdij geplaatst zijn in een pleeggezin of opvang
  • kinderen die in internaten voor doven en blinden zijn geplaatst.

Er werd ook andere punten onderzocht zoals; hoe het geweld ontstond en kon blijven bestaan en welke mogelijkheden er waren om te melden. Wat wist de overheid al die jaren over het geweld binnen de jeugdzorg en hoe heeft de overheid op deze signalen van geweld gereageerd. Maar ook welke hulp is er nodig voor de mensen die als kind misbruikt of mishandelt zijn en is er al voldoende hulp.

Eindrapport

In het eindrapport Onvoldoende beschermd. Geweld in de Nederlandse jeugdzorg van 1945 tot heden staan de resultaten van het onderzoek van de Commissie “de Winter”

De onderzoeksresultaten bestaat uit 3 delen, waarbij in ieder deel het onderzoek dieper gaat:

De conclusie van het gehele rapport:

In de gehele periode 1945 tot nu kwam fysiek, psychisch en seksueel geweld in de jeugdzorg voor. De commissie schat op basis van onderzoek dat 1 op de 10 personen die ooit in jeugdzorg verbleven, vaak tot zeer vaak (ernstig) geweld meemaakten en dat 3 op de 4 kinderen eenmalig of een enkele keer slachtoffer zijn geweest van geweld binnen de jeugdzorg.

Gevolgen

Voor de mensen die als kind te maken hebben gehad met jeugdzorg blijkt het geweld zoals; treiteren, vernederen en isoleren, tot zware lijstraffen, martelingen, seksueel geweld, misbruik of verkrachting  van grote invloed op hun latere leven. Veel schade die genoemd wordt zijn psychische klachten, soms psychische stoornissen, lichamelijke klachten, relatieproblemen en problemen met het opvoeden van eigen kinderen.

Erkenning en preventie

De commissie doet verschillende aanbevelingen om slachtoffers erkenning te bieden en geweld in jeugdzorg in de toekomst te voorkomen. Het bieden van erkenning aan slachtoffers van geweld in jeugdzorg is hiervan een belangrijk onderdeel.

Projectteam:

Voor het opvolgen van de aanbevelingen van de Commissie de Winter hebben de ministeries van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en Justitie en Veiligheid een projectteam opgericht. Eén van de dingen die dit projectteam oppakken, is het organiseren van een bijeenkomst voor de belangenorganisaties om te praten over wat er gedaan moet worden om lotgenoten erkenning te geven, welke ondersteuning lotgenoten zoeken en wat er verandert moet worden om kinderen in de jeugdzorg beter te beschermen.

Stichting voor Ons is 1 van de belangenorganisaties die bij deze bijeenkomsten aanwezig is om de aanbevelingen vanuit de lotgenoten van misbruik en mishandeling voor te dragen, wat er gedaan moet worden om erkenning te geven aan lotgenoten, welke aanpassingen er gemaakt moeten worden om de ellende in de toekomst te voorkomen.

Wij als stichting voor Ons zijn erbij om het taboe te doorbreken.